Tong- en lipriempje

Tongriempjes en lipriempjes  kunnen afwijkend zijn. Dit is een probleem wat al bij de geboorte aanwezig is en niet ontstaat in de loop van de tijd.  De afwijking kan zitten in de plaats van aanhechting, de soepelheid en de lengte. Onderzoek van deze structuren (ik ben daarin extra geschoold) zal altijd onderdeel van mijn oromyofunctioneel onderzoek zijn als er een hulpvraag is op het gebied van de mondspierfunctie, eet- en drinkproblematiek en fonetische spraakstoornissen.

Afwijkende tong/lipriempjes geven de volgende symptomen:

Bij baby’s:

  1. Een klakkend geluid (vacuüm loslaten) bij het drinken.
  2. De baby maakt een kleine hap, zuigt de tepel naar binnen.
  3. De baby drinkt heel “krachtig”, bijt soms, of klemt met de kaak.
  4. Onrustig drinken/ongeduldig aan de borst of is juist snel vermoeid.
  5. De baby drinkt kort, laat veel los, of  drinkt juist “de hele dag” aan de borst.
  6. De baby drinkt veel lucht mee, heeft refluxklachten, koliek, spugen, boeren, bol buikje, windjes.
  7. Er is een matige groei van de baby.
  8. Doordat de tong niet naar het gehemelte omhoog kan bewegen blijft  het gehemelte soms hoog. Dit geeft mogelijk minder ruimte in de neus, waardoor de baby verkouden lijkt en door de mond blijft ademen.
  9. Doordat de baby moeite heeft de tong volledig te gebruiken, blijft er een witte aanslag achter op de tong. Dit is dan geen spruw, maar smaakpapillen met aanslag.
  10. Baby’s met een strak lipriempje waarbij de voortanden doorkomen rond een jaar, krijgen soms opnieuw problemen met de voeding en gaan bijten.

Bij kinderen en volwassenen:

  1. Problemen met de uitspraak van letters waarbij de tongpunt omhoog moet bewegen (t, d, r, l, n, s en z).
  2. Problemen met vast voedsel eten. Het voedsel kan niet, door de tong, in de mond van links naar rechts en van voren naar achteren bewogen worden. Daardoor wordt goed kauwen en dus het slikken lastig. Een kind kan dit proces soms helpen door de vingers in de mond te brengen tijdens het kauwen of het zal voedsel bewaren in de wangzakken. Verslikken kan een gevolg zijn. Sommigen hebben hierdoor moeite met bepaalde texturen of “stukjes” in het voedsel.
  3. Het schoon likken van de achterste kiezen is moeilijk, waardoor eerder gaatjes ontstaan.
  4. Het tanden poetsen is lastig, met name als er een strak lipriempje aanwezig is.
  5. Soms blijft voedsel onder de lip na het eten.
  6. Zij die slecht een vacuüm kunnen creëren (door een hoog gehemelte en onvoldoende tongheffing), hebben mogelijk eerder last van een middenoorontsteking, omdat ze met slikken de buis van Eustachius niet goed zuiveren.
  7. Tandenknarsen en kaakklemmen en overmatige spanning van spieren rond het strottenhoofd komt veel voor bij een afwijkend tongriempje. De slik is dan hoorbaar en kost moeite.
  8. Doordat het heffen van de tong tijdens het slikken niet volledig mogelijk is, ontstaat een smalle bovenkaak en zal de gebitsvorm gaan afwijken. Er is immers onvoldoende ruimte ontstaan voor tanden en kiezen in de bovenkaak. Orthodontie is dan geen oplossing voor de lange termijn.

Ik ben geschoold in het onderzoeken van tong/lipriempjes. Ik verwijs naar de “Tongriemkliniek Groningen” als dat nodig is. Wanneer een ingreep noodzakelijk is, neem ik de voorzorg en de nazorg op mij. Massage van de wond is belangrijk onderdeel van de nazorg en vangt aan op de dag van behandeling en duurt 3/4 weken. Controle van de wond en mobilisatie van de tong bij kinderen en volwassenen, vindt 4 dagen na een ingreep aan het tong/lipriempje plaats, bij mij in de praktijk. De nazorg bij baby’s wordt uitgevoerd door artsen in de kliniek.